Archeobotanisch onderzoek van een vroeg-middeleeuwse waterput op de vindplaats Deventer-Brinkgreven
Rapportnummer 777
| Publicatiedatum 01 september 2014
Auteur Meer, W. van der
BAAC BV heeft onder leiding van R. van Mousch archeologisch onderzoek uitgevoerd in het plangebied Deventer-Brinkgreven. De veldwerkzaamheden bestonden uit een inventariserend veldonderzoek proefsleuven met doorstart naar opgraving en hadden plaats van 26 maart tot en met 17 juni 2012. In totaal is er een oppervlakte van 14.300 m2 blootgelegd.
Het plangebied ligt ten noordoosten van de huidige bebouwing van Deventer en ten zuidwesten van het dorp Schalkhaar. Het is bekend dat binnen het plangebied diverse laat-middeleeuwse erven lagen.
De lokale ondergrond bestaat uit afzettingen van Delwijnen, fossiele rivierduinen die zich hebben gevormd in het Laat-Pleistoceen. Deze afzettingen bestaan grotendeels uit kalkloos zand. De rivierduinen worden ter hoogte van de vindplaats afgedekt door dikke plaggendekken. Centraal binnen het plangebied en ten noorden van de opgraving bevindt zich een overstromingsvlakte met vermoedelijk de restanten van een duindoorbraakgeul.
Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn bewoningssporen aangetroffen die zijn behoren tot één, mogelijk meerfasige, prehistorische nederzetting. Uit de sporen valt de aanwezigheid van ten minste één hoofdgebouw en meerdere bijgebouwen te herleiden. Verder zijn op vier plaatsen sporen aangetroffen die geassocieerd zijn met bewoning en activiteit in de Middeleeuwen, mogelijk te herleiden tot het erf ’t Reele. Deze sporen bestaan uit paalsporen van bijgebouwen, greppels, kuilen en een waterput.
In enkele fossiele akkerlagen onder het plaggendek zijn pollenbakken geslagen. Tevens is er een pollen- en macrorestenmonster genomen uit de middeleeuwse waterput. Het macrorestenmonster uit de waterput is geselecteerd voor archeobotanisch onderzoek dat is uitgevoerd door BIAX Consult. Tevens zijn uit meerdere ondiepe sporen monsters genomen voor 14C-datering. De selectie van dit materiaal en de datering ervan was eveneens onderdeel van het archeobotanisch onderzoek. De resultaten hiervan worden in dit rapport besproken.


